Eiwittransitie – Een vraaggesprek met Ilse Zaal

Thomas van Oortmersen interviewt gedeputeerde Ilse Zaal op 24 juni tijdens de bijeenkomst in het kader van de eiwittransitie. Het gesprek vindt plaats via een live-verbinding.

Er is een studie uitgebracht over de eiwittransitie in Noord-Holland. Waarom? Wat wilde je weten?

Het doel van deze studie was om in kaart te brengen welke Noord-Hollandse organisaties zich bezighouden met de eiwittransitie, wat de grootste uitdagingen zijn voor deze bedrijven zowel nationaal als internationaal en wat mogelijke kansen zijn voor de eiwittransitie in Noord-Holland.

Als ik het heb over een eiwittransitie bedoel ik dat het gaat om een transitie naar een voedselpatroon met meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten. Eén van de grote uitdagingen van deze tijd. Alleen zo kan de groeiende, en qua eetgedrag veranderende, wereldpopulatie op een duurzame wijze voorzien worden van voldoende voedsel. Ik was laatst op een Europese bijeenkomst om hierover te praten met andere regio’s en ik heb geconstateerd dat er zoveel regio’s in Europa zijn die dezelfde visie hierop hebben. En dat is belangrijk want deze transitie kunnen we niet op onze postzegel in Noord-Holland alleen aan gaan.

In de nationale eiwitstrategie zijn daarom drie doelen gedefinieerd gerelateerd aan aanpassingen in ons dieet. Immers, consumenten denken niet in welke eiwitsoorten zij eten, maar moeten vooral verleid worden om hun dieet aan te passen.

Daarvoor is nodig dat we:

1. Meer eiwitrijke gewassen gaan telen;

2. Meer eiwitten uit bronnen zoals algen, zeewier en  insecten extraheren;

3. Meer eiwitten uit reststromen halen.

Maar het gaat ook over:

om de komende 5 tot 10 jaar de EU-zelfvoorzieningsgraad van nieuwe en plantaardige eiwitten te vergroten, dat werd ons allemaal door de oorlog in de Oekraïne pijnlijk duidelijk. Dus Europese zelfvoorzienendheid. Maar wel op een duurzaam geproduceerde manier die bijdraagt aan de gezondheid van consumenten en vee. Daarbij tevens bij te dragen aan de bodemkwaliteit, de biodiversiteit, minder voedselverspilling, een duurzame veehouderij, een goed verdienmodel voor de boeren, het klimaat.

Wat valt op in deze studie?

De Provincie Noord-Holland is demografisch zeer divers, met een groot stedelijk gebied, maar ook met een veelzijdige agrarische regio. Met name de Metropool Regio Amsterdam is vooruitstrevend wat betreft de eiwittransitie. De Unique Selling Points die de alternatieve eiwitsector aanzienlijk stimuleren in onze regio zijn innovatie en integratie:

Innovatie:

Onze regio staat bekend als de bakermat van innovatieve ondernemingen. Zowel kleinschalige bedrijven (start-ups) als grootschalige organisaties zijn constant actief in innovatie en productontwikkeling. Niet alleen producenten zijn innovatief, ook consumenten in de MRA zijn relatief vooruitstrevend wat betreft de eiwittransitie (de Amsterdamse markt voor alternatieve eiwitten is de grootste van Nederland en er zijn veel horecagelegenheden gericht op vegetarische of veganistische consument).

Integratie:

Onze regio functioneert als magneet voor internationaal talent. Dit wordt niet alleen veroorzaakt door de zakelijke aantrekkelijkheid van de regio (de aanwezigheid van grootschalige en internationale agrifood bedrijven en de hoge beheersing van de Engelse taal), maar ook door de prettige leefomgeving voor (internationale) medewerkers.

Waarom heb je ondernemers, experts en andere partijen vandaag gevraagd om hier te komen?

Deze studie geeft een aantal aanbevelingen om de eiwittransitie verder te kunnen stimuleren. Dat kunnen we als provincie en gemeenten natuurlijk niet alleen. Aangezien veel schakels van de keten goed vertegenwoordigd zijn in onze regio wil ik graag zelf  horen van deze partijen hoe en of zij een samenwerking naar een plant-aardige toekomst voor zich zien. Want ook in deze transitieopgave is samenwerking in de keten nodig om uitdagingen aan te gaan.

En wanneer ben je dan aan het eind van vanmiddag tevreden?

Ik ben tevreden als ik vanmiddag antwoord heb kunnen krijgen op 2 vragen:

1. Hoe kunnen start-ups in onze regio gestimuleerd worden zich in te zetten voor de eiwittransitie?

2. Hoe kunnen retailers en cateraars ondersteund worden om een meer plantaardig consumptiepatroon te bevorderen/te testen? Verhouding dieet 60% plantaardig – 40% dierlijk

Deel dit artikel met anderen!

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp
E-mail