Duurzame bloemkool: Niet onderwerken van strorijke stalmest

Op percelen van bloemkooltelers Wim Reus en Pé Slagter in Noord-Holland wordt onderzocht wat de invloed is van het niet onderwerken van vaste mest op de bodemkwaliteit, opbrengst, productkwaliteit van de gewassen, uitspoeling naar oppervlakte water, onder- en bovengrondse biodiversiteit (microben, aaltjes en insecten) en akkervogels.
De resultaten van dit onderzoek moeten helpen bij het vaststellen of het wenselijk is de huidige regelgeving met betrekking tot het verplicht onderwerken van mest aan te passen, om zodoende een remmende factor voor het gebruik van vaste mest én voor het sluiten van kringlopen in de landbouw weg te nemen.

Het project in het kort
Een kijkje op het veld: Bovengronds uitrijden van de mest trekt al weidevogels aan


Resultaten 2020

In maart 2020 is het project ‘duurzame bloemkool’ van start gegaan. Er is begonnen met het onderzoeken van de bodem op de proefvelden om te weten wat de uitgangsposities zijn voordat de behandeling ‘niet onderwerken van strorijke stalmest’ is toegepast om te kunnen meten wat daarvan het effect is op de bodem. Deze zogenoemde nulmeting is een belangrijke eerste stap in het project, omdat alle metingen van de komende jaren (waarin het wél en niet onderwerken van de mest vergeleken wordt) vergeleken moeten kunnen worden met de uitgangspositie. .

Rapportage 2020

Een deel van de nulmeting wordt uitgelegd in dit rapport, want nog niet alle monsters zijn geanalyseerd in het laboratorium. Het analyseren van de vele monsters kost tijd, maar dit is geen probleem omdat de monsters voor lange tijd bewaard kunnen worden in de koeling of vriezer.
Naast de gedeeltelijke resultaten van de nulmetingen vindt u ook de volledige beschrijving van de methode die is toegepast, terug in deze rapportage. De methoden zijn uitgevoerd in overleg met de collega’s in Friesland die in 2021 van start gaan met een vergelijkbaar onderzoek.

Plan van aanpak

Het plan van aanpak is gemaakt in opdracht van de Provincie Noord‐Holland in samenwerking met Van Hall Larenstein, Ecolana en Agroagenda en Amsterdam Green Campus. Onderzoekers Elly Morriën en Erik Cammeraat van het Instituut Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica van de Universiteit van Amsterdam leiden het onderzoek. Allerlei studenten van MBO, HBO en WO kunnen aansluiten bij het onderzoek via het Sustaina Student Lab van Amsterdam Green Campus.  


De aanloop: Van Hackathon naar living lab

Bloemkoolteler Wim Reus liep er tegenaan dat hij binnen de huidige mestwetgeving zijn organische stofgehalte niet op peil kon houden. Terwijl behoud van organische stof voor de teler van essentieel belang is om op lange termijn kwalitatief hoogwaardige bloemkolen te blijven produceren. Daarom droeg hij in 2019 zijn casus aan bij de Hackathon Natuurinclusieve Landbouw: Boer en Business in Balans; Natuurlijk doen we het samen! Die door Provincie Noord-Holland werd georganiseerd.

Het doel van deze driedaagse Hackathon was om in teams van experts, studenten, wetenschappers, techneuten etc. samen praktische, innovatieve en natuurinclusieve oplossingen te vinden voor problemen van agrariërs. In totaal is er gewerkt met 8 boeren, 8 cases en 8 hackteams. Het hackteam van bloemkoolteler Wim behoorde tot de beste 3 van deze hackathon. Ze hebben nachtenlang gerekend aan cijfermatige modellen en zelfs RVO was enthousiast over deze uitwerking.

Wim Reus: “Naar aanleiding van mijn casus bij de hackathon van de Provincie Noord-Holland is dit proces begonnen. Vanaf het begin ben ik erbij betrokken. Ik ben samen met Bert Knegtering en Daniëlle Lieuwen op het ministerie van LNV geweest. Ook ben ik samen met een afvaardiging van Amsterdam Green Campus naar Friesland geweest om met Ecolane te gaan samenwerken. Ik denk dat we veel kennis opdoen waarmee we het huidige mestbeleid kunnen veranderen ten gunste van de biodiversiteit. Aangezien we als agrariërs in en met de natuur werken en leven en dat in de toekomst moeten blijven doen, is het belangrijk dat we de natuurlijke processen niet verstoren. ”

Na de Hackathon heeft Wim zijn plan verder uitgewerkt in samenwerking met RVO, InHolland, de vereniging van broccoli- en bloemkooltelers en provincie Noord-Holland. Op 11 oktober 2019 is het plan met het ministerie van LNV besproken. De vraag aan het ministerie was om vrijstelling te krijgen voor het uitrijden van vaste mest bovengronds, om via onderzoek aan te kunnen tonen dat het bovengronds aanwenden van vaste mest een positieve bijdrage levert aan de bodemstructuur, bodemvruchtbaarheid en de voedingsstoffen in de bloemkool. Het ministerie heeft het onderzoek van Wim als deelproject benoemd bij het landelijke programma Bodem. Daardoor werd het mogelijk om de vrijstelling te krijgen, maar Wim moet wel binnen de fosfaatnormering blijven. Bloemkoolteler Pé Slagter heeft zich ook aangesloten bij het project en een deel van zijn percelen beschikbaar gesteld voor het onderzoek.

Pé Slagter: “Ik sta zeer achter dit project. Ik ben ervan overtuigd dat het niet inwerken van de mest een zeer positief effect zal hebben op de weidevogels. Bovendien ben ik teleurgesteld in de huidige wetgeving en de handhaving ervan. Werknemers zijn bij ons op het perceel een keer begonnen met uitrijden van geitenmest en ik kwam een uur nadat ze gestart waren aan. Volgens de huidige wetgeving zijn we verplicht om de mest direct in te werken en was ik dus in overtreding. Ik kreeg een boete van 1000 euro en we werden gekort op onze GLB subsidie. In totaal heeft het me toen een bedrag van 10.000 euro gekost.”

Deel dit artikel met anderen!

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on email
E-mail